Lexicon


In de vrijmetselarij worden allerlei termen gebruikt die wellicht wat onwennig in de oren klinken. Hieronder volgt een overzicht van de woorden die op deze site gebruikt worden.

Bouwstuk
Een vrijmetselaar toont zijn persoonlijke vorderingen in de vrijmetselarij in een bouwstuk aan de werkplaats. Doorgaans zijn dit voordrachten (al of niet ondersteund met beeld en geluid/muziek) die mondeling worden gebracht. Een bouwstuk kan over een symbool, een groep symbolen, een filosofisch thema of een maatschappelijk onderwerp gaan. Per werkplaats kan het accent van de bouwstukken variëren.

Graden (Leerling, Gezel en Meester)
Inwijdingen zijn een belangrijk onderdeel van de vrijmetselarij. Iedere initiatie staat voor een specifieke ontwikkeling en daarmee zou je ze kunnen zien als een persoonlijke ontwikkeling / groei van een vrijmetselaar.

Inwijding
Ritueel waarbij een individu tot een nieuwe graad toetreedt. Het ritueel is per graad anders, waardoor de behaalde graad ook een specifieke kennis veronderstelt.

Loge
De (symbolische) ruimte waarin vrijmetselaars samenkomen en hun rituele arbeid vormgeven. Vaak kent deze ruimte ook een specifieke aankleding (afhankelijk van de graad waarin gewerkt wordt). Een loge (grootloge) is ook de vereniging van individuele werkplaatsen. De termen loge en werkplaats worden vaak door elkaar gebruikt. Een adoptieloge is een werkplaats die haar werkzaamheden verricht onder toezicht / begeleiding van een erkende/bestaande loge zonder dat de adoptieloge zelf als zelfstandige werkplaats wordt erkend.

Maçon
Een ander woord voor vrijmetselaar is Maçon, voor vrijmetselarij is Maçonnerie, en de arbeid van een vrijmetselaar heet dan ook wel Maçonnieke arbeid.

Obediëntie
Vereniging van Maçonnieke Loges.

Opperbouwmeester van het Heelal
Dit is een essentieel symbool van de Vrijmetselarij. Het is aan iedere vrijmetselaar om dit symbool te duiden. Mede door dit symbool staat de vrijmetselarij voor gewetensvrijheid en vrijheid van denken.

Ritus of Rituaal
Het geheel van regels en handelingen en de volgorde waarin deze plaatsvinden zoals de arbeid in de loge vorm krijgt. Wereldwijd zijn er heel wat te vinden. De historicus Ragon heeft 52 verschillende ritussen geïnventariseerd, waaronder de Moderne Franse Ritus, de Aloude Aangenomen Schotse Ritus en de Gerectificeerde Franse Ritus.

Symbolen en symboliek
“alles is hier symbolisch”. In de loge en in de ritualen zijn zeer veel symbolen te vinden. Symbolen zijn voorwerpen die niet naar zichzelf verwijzen maar naar iets anders. Door de symboliek ontstaat tevens een gezamenlijke beleving. In de vrijmetselarij wordt gebruik gemaakt van universele symbolen zoals de maan, de zon, lucht, aarde, water en vuur en van symbolen die verwijzen naar het werk van de steenhouwer en de metselaar. Ook kent iedere graad zijn eigen symbolen. Deze worden in de inwijdingsritualen ‘onthuld’. Symbolen gelden als vertrekpunt van de maçonnieke arbeid, door over de symbolen na te denken ontstaat zelfkennis en kennis over mens en wereld.

Tempel
Vrijmetselaars komen samen in een tempel. Dit is de ruimte waar rituele bijeenkomsten worden gehouden. De tempel staat tevens symbool voor de tempel der mensheid, het universele doel waar we aan werken.

Werkplaats
De werkplaats is de groep vrijmetselaars waar de individuele vrijmetselaar deel van uitmaakt.